Jezelf verwijderen uit Google: ontgooglen van zoekresultaten

Een belangrijk onderdeel van ons kantoor is adviseren en procederen over verwijderingsverzoeken bij Google. Het zogenaamde ‘Ontgoogelen’ (of: 'Ontgooglen'). Denk daarbij aan vragen als: hoe moet ik mijn naam zuiveren via Google? Of: moet Google mijn persoonlijke gegevens verwijderen uit de zoekmachine?

Een heel kort, juridisch juist, maar ietwat ongenuanceerd antwoord is: ‘ja’. Op een verwijderingsverzoek – soms ook wel vergeetverzoek genoemd – dient Google in beginsel binnen vier weken en positief te beslissen. Het kan goed voorkomen dat u al een keer een verwijderingsverzoek bij Google hebt ingediend, maar dat dat is afgewezen. Wanneer is Google nu verplicht om een vergeetverzoek in te willigen? Ik leg het u graag uit.

Het recht om vergeten te worden door Google

Op basis van art. 17 van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) heeft u het recht op gegevenswissing ‘vergetelheid’. Dit wordt ook wel het ‘vergeetrecht’, het ‘recht om vergeten te worden’ of – minder fraai ‘Ontgoogelen’ - genoemd. Wat is verschil tussen al deze termen? Niets. Het zijn allemaal synoniemen.

Het vertrekpunt is het befaamde en veelbesproken Google/Costeja-arrest uit 2014 (ECLI:EU:C:2014:317, NJ 2014/385). Het is een tamelijk uitgebreid arrest met 100 overwegingen verdeeld over een pagina of 25/30. Het juridische probleem met zoveel tekst is simpel: interpreteren. Met zoveel woorden is er voor ieder wat wils. Dat zie je ook in de praktijk. Google wijst in gerechtelijke procedures steeds naar haar welgevallige overwegingen uit het arrest en wij doen hetzelfde. Maar hoe zit het nu werkelijk? Voor zover al discussie mogelijk was, heeft de Hoge Raad in 2017 de knoop doorgehakt. Onze hoogste rechtscollege vond dit (ECLI:NL:HR:2017:316):

3.5.6. Uit het vorenstaande volgt dat het betoog van het middel in het incidentele beroep dat ‘in abstracto’ geen rangorde geldt tussen de aan de orde zijnde rechten, en dat geen ‘bijzondere redenen’ nodig zijn om een inmenging in de grondrechten van betrokkene te rechtvaardigen, berust op een onjuiste rechtsopvatting. Uit de aangehaalde overwegingen van het HvJEU volgt immers dat het privacybelang van een natuurlijke persoon in de regel prevaleert boven het belang bij informatie van de internetgebruikers en boven het economisch belang van de exploitant, en dat dit anders kan zijn in bijzondere gevallen, wanneer sprake is van bijzondere redenen die de inmenging in het recht op privacy rechtvaardigen. Het hof heeft dus, blijkens hetgeen het in rov. 3.5 heeft overwogen, de juiste maatstaf tot uitgangspunt genomen. Het middel faalt derhalve. (…)

3.6.5 Omtrent het belang van het publiek om informatie over de veroordeling van eiser te krijgen bij het zoeken op eisers volledige naam, stelt het hof niets vast. Evenmin doet het hof enige vaststelling omtrent hetgeen in dit verband van belang kan zijn, zoals met name of eiser een rol in het openbare leven speelt en, zo ja, welke. Het enkele feit dat eiser in eerste aanleg is veroordeeld wegens een ernstig misdrijf en dat sprake is geweest van publiciteit is daartoe onvoldoende

Voor niet-juristen wellicht moeilijk te doorgronden. Simpel gezegd: het economische belang van Google het belang van de internetgebruiker (vindbaarheid van de informatie), weegt niet zwaarder dan het privacybelang van degene op wie de zoekresultaten betrekking hebben!  De kernoverweging uit het Costeja-arrest betrof overweging 97:

Aangezien de betrokkene op basis van zijn door de artikelen 7 en 8 van het Handvest gewaarborgde grondrechten kan verlangen dat de betrokken informatie niet meer via de opneming ervan in een dergelijke resultatenlijst ter beschikking wordt gesteld van het grote publiek, krijgen deze rechten, zoals met name blijkt uit punt 81 van het onderhavige arrest, in beginsel voorrang niet enkel op het economische belang van de exploitant van de zoekmachine, maar ook op het belang van dit publiek om deze informatie te vinden wanneer op de naam van deze persoon wordt gezocht. Dit zal echter niet het geval zijn indien de inmenging in de grondrechten van de betrokkene wegens bijzondere redenen, zoals de rol die deze persoon in het openbare leven speelt, wordt gerechtvaardigd door het overwegende belang dat het publiek erbij heeft om, door deze opneming, toegang tot de betrokken informatie te krijgen.”

Naar de huidige stand van het recht dient de belangenafweging dus uit te vallen ten voordele van degene wiens privacy wordt aangetast en ten nadele van Google (vgl. ook E.J. Peerboom-Gerrits in JIN 2017/57).

De uitzondering onder het vergeetrecht

Er is een uitzondering denkbaar op de hoofdregel (‘privacy gaat voor’). Er moet dan met name worden beoordeeld welke rol de betreffende persoon vervult in het dagelijks leven. Eén ieder begrijpt dat Rutte, Obama of Merkel, niet zonder meer een beroep toekomt op het vergeetrecht. Dit zijn mensen met een publieke functie. Zij zullen moeten aanvaarden dat diens leven onderwerp is van publiek debat en zullen dus een zekere inbreuk op het privéleven moeten dulden. Ook hier is weer een uitzonder op de uitzondering mogelijk. Publieke functionarissen hebben een privéleven, evenals BN’ers. Dit is een interessant onderwerp voor een volgend blog. Heel in het kort moet een juiste evenwicht (a fair balance) worden gevonden tussen de bij het conflict betrokken rechten en belangen. In het arrest Von Hannover/Duitsland II heeft het EHRM geoordeeld dat het recht op vrije meningsuiting (beschermd in art. 10 EVRM) in beginsel op gelijke hoogte staat met het recht op privacy (beschermd in art. 8 EVRM). ¹

Hoe zit het nu met de uitzondering? De Hoge Raad gaf in dit verband nog een zinvolle opmerking: ‘Het enkele feit dat eiser in eerste aanleg is veroordeeld wegens een ernstig misdrijf en dat sprake is geweest van publiciteit is daartoe onvoldoende’. Dit oordeel is nader uitgewerkt door de voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam (ECLI:NL:RBAMS:2017:2896): Vast staat dat X geen publieke functie heeft. Het enkele feit dat hij een X zaak bezit is onvoldoende om hem aan te merken als 'public figure'. Dat X mogelijkerwijs bewondering geniet voor zijn zakelijk succes als ondernemer en het feit dat hij in eigen beheer X organiseert maakt dat niet anders. Ook brengt de omstandigheid dat de naam van X wordt genoemd in verband met een P politicus die in opspraak is geraakt niet mee dat hij daardoor (ook) een 'public figure' is geworden.

Een ‘publiek persoon’ ben je dus niet zomaar. Als je (een beetje) publiciteit genereert in de media of een succesvol zakenman bent, ben je nog geen publiek persoon. Anders gezegd: de uitzondering op de hoofdregel (privacy gaat voor), moet strikt worden geïnterpreteerd. Er is slechts in beperkte mate ruimte voor een belangenafweging en enige mate van bekendheid rechtvaardigt nog geen uitzondering op de hoofdregel.

Recente vergeetrecht zaken

Het beoordelingskader voor een verwijderingsverzoek is helder. Helaas zijn er een aantal rechters die teveel hun eigen opvatting willen doordrukken, dan wel het beoordelingskader niet begrijpen. Het eerste is erger dan het tweede.

Ik wijs op de uitspraken van de rechtbank Midden-Nederland van 8 mei 2018 en 14 november 2018, de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 22 maart 2018 en de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 7 februari 2019. Ik kan deze uitspraken tot op detailniveau analyseren, maar dat is niet zinvol. Er is namelijk een duidelijk tendens waar te nemen, die men niet uitsluitend in vergeetrechtzaken waarneemt, maar in de volle breedte van het recht: de rechter die zich (iets te) rijk rekent. Het behoeft geen betoog dat Nederland een uitstekende rechterlijke macht kent. Binnen het recht om vergeten te worden, valt niettemin veel winst te behalen.

Ik begrijp onmiddellijk dat rechters worstelen met de materie, omdat het vaak gevoelig ligt. Maar de discussies die recent worden gevoerd, zijn achterhaald. Het doet geen recht aan de rechtsontwikkeling en rechtseenheid indien achterhaalde discussies nieuw leven wordt ingeblazen.

Bovendien acht ik de belangenafweging – zoals deze doorklinkt in voormelde uitspraken - veel te eenzijdig. Google is een heel mooi bedrijf, maar niet de redder van het vrije woord. Het is geen journalistiek platform. Er wordt heel veel geld verdiend met het verwerken van (persoons)gegevens die niet van Google zijn. U zou moeten bepalen wat daarmee gebeurt, zo dunkt me. Als u uw persoonlijke gegevens uit Google wenst te verwijderen, zou Google (of een andere zoekmachine) daar gehoor aan moeten geven. Slechts in zeer bijzondere omstandigheden moet hier een uitzondering op worden gemaakt. Lagere rechters rekken de uitzondering te ver op. Dat is niet goed. Googelen is een soort tweede natuur geworden en het is onwenselijk voor de sociale en economische ontwikkeling van een individu om constant tekst en uitleg te moeten geven over iets wat zich in het verleden heeft afgespeeld.

Bijzondere of gevoelige persoonsgegevens verwijderen uit Google

Het is beginsel niet toegestaan ‘bijzondere’ of ‘gevoelige’ gegevens te verwerken (art. 9 en 10 van de AVG). Gegevens van strafrechtelijke aard, iemands ras, politieke gezindheid, of lidmaatschap van een vakbond, mogen in beginsel dus niet verwerkt worden. Er geldt een absoluut verwerkingsverbod.  Het is niet vereist dat sprake is van een strafrechtelijke veroordeling.

Stel dat er dus gevoelige gegevens worden verwerkt, bijvoorbeeld van iemand die wordt verdacht van fraude of mishandeling (of zelfs al is veroordeeld), dan mag een zoekmachine deze gegevens dus niet verwerken. Dit is een in de rechtspraak te verdedigen standpunt. Zie bijvoorbeeld deze uitspraak van de rechtbank Rotterdam en deze van de rechtbank Amsterdam.

Er zijn ook rechters die een andere opvatting hebben. Die vinden dat het absolute verwerkingsverbod afbreuk doet aan de ‘de belangrijke maatschappelijke functie die zoekmachines in het huidige informatietijdperk vervullen door het ontsluiten van informatie op het internet, hetgeen mede gelet op het algemene belang onaanvaardbaar zou zijn’ (Rb. Midden-Nederland 14 november 2018, ECLI:NL:RBMNE:2018:5594). Op dit punt heeft de Franse hoogste rechter (de Conseil d’Etat) vragen gesteld aan het Europese Hof, welke inmiddels zijn beantwoord. In dit blog leest u meer informatie.

Persoonlijke zoekresultaten verwijderen uit Google

Verwijderingsverzoek.com heeft een mooie tool ontwikkeld om te beoordelen of u een goede zaak hebt. Gebruik hiervoor de Quickscan. Er zijn inmiddels duidelijke indicatoren voor het toekennen van een verwijderingsverzoek. Denk aan:

- De vraag of de zoekresultaten ‘bijzondere’ gegevens bevatten;
- De vraag of u een publiek persoon bent;
- De vraag of de gegevens juist zijn;
- De vraag of de gegevens verouderd of bovenmatig zijn (disproportioneel negatief);
- De vraag of de gegevens zorgen voor (fysiek) gevaar;
Houdt u steeds in ogenschouw dat de belangenafweging al snel uw kant op valt. Wij zijn dagelijks bezig met ‘Ontgoogelen’. Meld gerust uw zaak aan.

Google zoekresultaten verwijderen

De eerste stap in het proces is dat u een verwijderingsverzoek indient bij Google. Dat kan via dit formulier. U moet goed opletten. De reden waarom u een verwijderingsverzoek indient moet u nauwkeurig formuleren. Het kan zijn dat Google dit later in de procedure – bijvoorbeeld als u naar de rechter gaat – tegen u gebruikt.

Bepaalde omstandigheden zijn wél relevant bij een vergeetverzoek, en andere omstandigheden juist weer niet. Verwijderingsverzoek.com heeft een digitale tool ontwikkeld waarmee u eenvoudig kunt bepalen welke omstandigheden relevant zijn bij uw zaak. U kunt onder meer denken aan:

- Of de zoekresultaten gevoelige – ook wel ‘bijzondere’ – persoonsgegevens bevatten (denk aan een strafrechtelijke veroordeling)

- Of u weleens vrijwillig in de media bent verschenen en geldt als een ‘publiek persoon’ (let op: u bent niet ‘zomaar’ een publiek persoon persoon)

- Of de gegevens juist zijn, niet bovenmatig en of u toestemming hebt verleend de gegevens te publiceren.

Maximaal een maand wachten

Als u uw vergeetverzoek hebt ingediend, krijgt u in principe binnen een maand antwoord. Dat staat in de Algemene Verordening Gegevensbescherming (de AVG), ook wel bekend als de ‘GDPR’. Google mag deze termijn één keer verlengen met vier weken. Zodra u het antwoord hebt, zijn er twee mogelijkheden: Google willigt uw vergeetverzoek in of wijst uw vergeetverzoek af.

Ontgooglen: persoonlijke gegevens verwijderen van internet

De GDPR (de Engelse term voor de AVG) geeft u het recht op vergetelheid (zie artikel 17). Daarin staat:

De betrokkene heeft het recht van de verwerkingsverantwoordelijke zonder onredelijke vertraging wissing van hem betreffende persoonsgegevens te verkrijgen en de verwerkingsverantwoordelijke is verplicht persoonsgegevens zonder onredelijke vertraging te wissen wanneer een van de volgende gevallen van toepassing is (…):

Als u op juridische gronden Ontgoogeld wilt worden, dan begint u dus met het indienen van een vergetelverzoek (of: vergeetverzoek) bij Google. Verwijs daarin naar de uitspraken van het Europese Hof (ECLI:EU:C:2014:317, NJ 2014/385) en de Hoge Raad (ECLI:NL:HR:2017:316):

Hoe gaat u te werk bij het Ontgooglen?

Hoewel er geen sprake is van een ‘klassieke’ belangenafweging, is het natuurlijk wel ergens úw verhaal tegen het verhaal (of: belang) van Google. U moet dus een sterk verhaal hebben. Maar wat is een sterk verhaal? Bepaalde argumenten vindt de rechter wel overtuigend, andere juist niet. Voorbeelden van overtuigende argumenten:

- De Google zoekresultaten zijn aantoonbaar onjuist;
- De Google zoekresultaten zijn niet meer van belang en in feite achterhaald;
- De Google zoekresultaten zijn voor u (levens)bedreigend;
- De Google zoekresultaten verwijzen naar ‘bijzondere’ of ‘gevoelige’ gegevens.

Voorbeelden van argumenten die Google in juridische procedures vaak gebruikt:

- De informatie is van belang voor het publiek en voorwerp van een actueel debat;
- De verzoeker is een publiek persoon en daarom is de informatie relevant voor het publiek;
- De informatie is juist, evenwichtig en gebalanceerd.

U ziet: er zijn meer argumenten vóór verwijdering te bedenken dan tegen. Daarom doet u er verstandig aan om zelf goed in kaart te brengen waarom u wenst dat de Google zoekresultaten verwijderd moeten worden. Brengt deze omstandigheden onder de aandacht bij Google.

En wat moet u doen als Google weigert om aan uw verwijderingsverzoek te voldoen? Dan kunt u naar de rechter stappen of de Autoriteit Persoonsgegevens (AP). Ongeveer de helft van de vergeetrechtzaken wordt toegewezen door de rechter. De andere helft wordt ten voordele van de zoekmachine (in de praktijk altijd: Google) beslist.

Als de rechtbank uw verzoek afwijst, kunt u in hoger beroep. Dat hoeft niet via een advocaat. Dat is fijn voor u, omdat dit aanzienlijk in de kosten scheelt, terwijl de kwaliteit van rechtsbijstand bij een advocaat niet noodzakelijk adequater behoeft te zijn. Sterker nog, veel advocaten zijn niet goed gespecialiseerd in het recht op vergetelheid.

Conclusie: hoe moet u uw persoonlijke Google zoekresultaten verwijderen

De eerste stap is een verwijderingsverzoek bij Google. Bij een afwijzing kunt u naar de rechter of de Autoriteit Persoonsgegevens (AP). Het is heel belangrijk dat u uw verwijderingsverzoek nauwkeurig formuleert. Bepaalde omstandigheden zijn wel relevant bij de beoordeling van uw zaak, andere omstandigheden juist weer niet.

Verwijderingsverzoek staat u graag juridisch bij. Wij kunnen uw verwijderingsverzoek indienen bij Google of voor u naar de rechter gaan. Ook voeren wij bemiddelingsprocedures bij de Autoriteit Persoonsgegevens (AP).

Tot slot: in dit blog gebruiken we de term ‘vergeetverzoek’ en ‘verwijderingsverzoek’ door elkaar. Deze termen zijn synoniem aan elkaar. De juiste juridische term is het recht op ‘vergetelheid’.

Een verzoekschrift procedure bij de rechter of een bemiddelingsprocedure bij de AP

Nadat u een beslissing hebt ontvangen op uw verzoek om uw zoekresultaten te verwijderen uit Google, zijn er twee opties: u kunt naar de rechter stappen (een ‘verzoekschriftprocedure’) of u stapt naar de Autoriteit Persoonsgegevens (een ‘bemiddelingsprocedure’). U moet goed nadenken over de voor- en nadelen van een dergelijke procedure. Een procedure bij de rechter geeft vaak meer zekerheid. Maar een procedure bij de AP is eenvoudiger en minder kostbaar.

Om u een indruk te geven van hoe de AP omgaat met verwijderingsverzoeken, kunt u dit rapport bestuderen. Als u meer wilt weten over hoe de rechter omgaat met vergeetrechtzaken, kunt u dit blog lezen, dat verwijderingsverzoek.com eerder publiceerde.

Schadevergoeding onder de AVG

Op basis van een recente uitspraak hebt u mogelijk recht op schadevergoeding. U doet er verstandig in een vroeg stadium juridische bijstand in te schakelen. Er kan een vrijblijvend voorstel worden gedaan, wellicht deels op basis van ‘no cure, no pay’.

Contact
Wilt u advies of juridische begeleiding bij uw verwijderingsverzoek? Neem vrijblijvend contact op met mr. Nick Voorbach om uw zaak te bespreken.

¹ waarover: AG Langemeijer 4 november 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1116 r.o. 2.4 (http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:PHR:2016:1116)

Maak nu een afspraak met mr. Nick Voorbach.

Onze contactgegevens

Post: Postbus 7222, 2701 AE Zoetermeer
Kantoor: Röntgenlaan 5 te Zoetermeer
Telefoon: 079 203 3000
Bij spoed: 06 43 84 0335
Email: info@verwijderingsverzoek.com
Kantooruren: 9:00 uur – 20:00 uur

Direct hulp aanvragen
Copyright © 2018-2020 Verwijderingsverzoek.com | Alle rechten voorbehouden. | Alentejo Webdesign
arrow-rightpencil-square
linkedin facebook pinterest youtube rss twitter instagram facebook-blank rss-blank linkedin-blank pinterest youtube twitter instagram